Wij vinden dat honden, katten en niet-humane primaten die in dierproeven zijn gebruikt, in principe herplaatst moeten worden op een voor hen geschikte locatie tot het eind van hun leven. De intrinsieke waarde van het dier staat daarbij centraal. Sommige vergunninghouders herplaatsen deze dieren al jaren, maar dit kan nog verder worden gestimuleerd. Instellingen die deze herplaatsingsmogelijkheid bieden, vullen namelijk de wijze waarop dat gebeurt (inclusief de selectie van de dieren) zelf in. De mogelijkheden voor herplaatsing van voormalige proefdieren zijn volgens ons nog niet uitgeput en daarom is extra aandacht hiervoor noodzakelijk.

In 2016 is het advies 'Herplaatsing van voormalige proefdieren' uitgebracht. Het doel van het advies is het borgen van de kwaliteit van leven van honden, katten en niet-humane primaten die levend uit een dierproeventraject komen.

Er zijn drie Codes of Practice opgesteld die zich specifiek richten op herplaatsing van honden, katten en niet-humane primaten.